Een bijdrage van:

Frans van Gorkum
 

Henk H.M. van Gorkum (1953-2002)
 

In augustus 1965 vertrekt de tweeling Henk en Frans van Gorkum op 11-jarige leeftijd naar het klein-seminarie Collegium Carolinum van de Paters Oblaten te Valkenburg (L.). Kapelaan Weghorst probeert de jongens nog naar de wereldgeestelijken te trekken, maar vader Van Gorkum laat zich niet in met koopmanschap. Hij wil ook niet afhankelijk zijn van de penningen van de katholieke kerk. In die dagen is het nog gebruikelijk, dat de kosten van de opleiding van ‘priesterzonen’ gedeeltelijk met zondagse collectes van de plaatselijke parochiekerk worden betaald. “Ik wil niet, dat men later zegt dat mijn jongens van andermans centen hebben kunnen studeren, als ze geen priester worden”.

 

De jaren zestig zetten onder invloed van Paus Johannes XXIII en zijn Vaticaanse Concilie het religieus denken en voelen in Nederland op zijn kop. Henk start na het seminarie en de militaire dienst in 1975 met de studie theologie aan het HTP te Heerlen. Het is een links en afvallig bolwerk in de ogen van de toenmalige bisschop Gijsen van Roermond. Over zijn verzet tegen de traditionele opvattingen van Gijsen bestaat een anekdote die hem als mens precies tekent. In die tijd verkondigt Gijsen, dat mensen slechts de H. Communie kunnen ontvangen, als dit op waardige wijze geschiedt. Wie niet knielt tijdens het in ontvangst nemen van het ‘lichaam van Christus’ ontvangt volgens hem slechts een stukje brood. In Zuid-Limburg ontstaat veel commotie over deze opvatting. Tezelfdertijd kan met een prijsvraag één minuut spreektijd bij radio-omroep Zuid (ROZ) worden gewonnen. Henk wint zo’n minuut. Als de presentator van het programma hem de microfoon geeft, kondigt Henk aan, dat hij een litanie wil bidden voor mensen met één been, mensen met een korset, mensen met een kunstbeen, mensen met een zware hernia. De presentator fronst zijn wenkbrauwen en vraagt zich af, waar de spreker heen wil. Henk praat zo de minuut vol. Op het eind komt de aap uit de mouw. Henk bidt, dat ook deze mensen die niet kunnen knielen toch het Corpus Christi mogen ontvangen ondanks de Leer van Gijsen. De presentator kan van verbazing geen woord uitbrengen. Het blijft enkele seconden radiostil, waarna de presentator uitroept: “Geweldig, geweldig!”

 

Nog tijdens zijn studententijd [1] wordt Henk in 1980 leraar catechese op het Sint Servaascollege in Maastricht, de Gerberga-mavo in Meerssen en voor even op het Eijkenhagecollege in Landgraaf. Ook zal hij daarna korte tijd les geven aan zijn eigen middelbare school, het Sint Bernardinuscollege in Heerlen. Hij wil in eerste instantie het basispastoraat in, maar omdat de bisschop van Roermond geen HTP-studenten in de parochies wil, stapt Henk over op katechese [2].

 

In 1987 wordt Henk aan het Sint Servaascollege benoemd tot adjunct-directeur van de afdeling administratie. In 1992 volgt zijn benoeming tot directeur van het MTRO, dat later opgaat als unit toerisme en recreatie in de Leeuwenborgh Opleidingen in Maastricht, een MBO-scholengemeenschap van circa 11.000 leerlingen.

 

Henk trouwt in 1978 met Gertie Ruwette die hij heeft leren kennen tijdens de wekelijkse zangrepetities van het jongerenkoor van de St. Clemensparochie in Hulsberg. Bij het koor zijn de seminaristen graag geziene gasten. Het stel gaat in Hulsberg wonen. In dit forenzenplaatsje wordt de Liemerse jongen die ooit vol godsbesef in een bus van De Valk uit Valkenburg stapte om zijn roeping te volgen Limburger met de Limburgers. In de jaren zeventig en tachtig is hij met zijn theologische achtergrond politiek zeer actief. In Hulsberg staat hij eerst voor de PPR en later voor de PvdA op de bres. Voor het IKV trekt hij met zijn gitaar het land in om de kernbommen uit de wereld te bannen. Hij introduceert in de gemeente Nuth, waaronder Hulsberg inmiddels gemeentelijk is ingedeeld, politieke discussies tijdens onder meer de vierjaarlijkse gemeenteraadsverkiezingen.

 

Voor het Hulsbergs weekblad Hulsberg Info gaat hij de redactie voeren, waardoor deze uitgave uitgroeit tot een veelgelezen dorpskrant. Ook brengt hij een aantal jaren het semi-literaire tijdschrift Adem uit.

 

Onder zijn leiding wordt het MBO-college voor toerisme en recreatie in Maastricht in didactische zin een landelijk voorbeeld. Zijn school wordt de beste van Nederland genoemd. Als jongeling gevormd door de paters Oblaten van Maria te Valkenburg wordt hij zelf een leken Oblaat, een toegewijde aan jonge mensen die toegerust worden om de maatschappij te kunnen intrekken. Hij leert hen vooral de deugden rechtvaardigheid en oprechtheid na te streven.

In zijn dorp Hulsberg wordt hij bestuurslid van de Koninklijke Fanfare Sint Caecilia. Het lukt hem een brug te slaan naar harmonie Sint Martinus uit zijn geboortedorp Oud-Zevenaar, wat uiteindelijk in 2001 uitmondt in muzikale samenwerking. Op 21 oktober 2001 wordt in theater Bommersheuf te Zevenaar met groot succes een gezamenlijk concert gegeven door harmonie Sint Martinus en de Koninklijke Fanfare Sint Caecilia.

 

Als zanger en tekstschrijver vergeet hij de banden met de Liemers niet. Vanaf 1975 treedt hij vele jaren samen met zijn tweelingbroer Frans onder de naam Dubbeldoyer op tijdens de pronkzittingen van CV De Nachtuulen in Oud-Zevenaar.  Daar heeft Frans als oud-president van CV De Bosjule diverse gebruiken van de CV uit zijn studententijd geïntroduceerd [3].

Met zijn liedjes, die een overduidelijke Limburgse inslag hebben, maakt Henk van Dubbeldoyer een begrip. Hij schrijft in 1977 op een bekend Venloos vastelaovendlied ‘Als de sterren baoven Old-Zaender’. Het lied groeit uit tot een heuse evergreen. In 1983 brengt hij samen met zijn broer Frans en harmonie Sint Martinus een LP uit met dialectliedjes over het sociale leven in de jaren twintig en dertig in de Liemers. De LP is een succes en wordt nadien een voorbeeld voor diverse lokale dialectzangers. Als Frans in 1994 op verzoek van De Nachtuulen de CD Kattekwaod uitbrengt met poëtische dialectliedjes, levert Henk een bijdrage met een aantal prachtige verzen. In zijn zang- en dichtkunst weet hij de volkscultuur op treffende wijze te typeren. Eind jaren tachtig neemt hij afscheid van de Oud-Zevenaarse podia (om daarna regelmatig met veel succes terug te keren) en gaat hij samen met twee vrienden op in het Limburgse Trio Kwakkerzak, waarmee hij in Zuid-Limburg maar ook in Oud-Zevenaar veel succes oogst. Met zijn baritonstem, zijn creatieve teksten en liedjes, het losse gitaarspel en zijn innemende, bescheiden presentatie bindt hij menig muziekliefhebber aan zich.

 

Op donderdag 10 januari 2002 sterft hij plotseling thuis aan de Kerkheuvel 12, een voormalige kapelanij, in Hulsberg. Op 48-jarige leeftijd komt veel te vroeg een abrupt einde aan een leven vol toewijding aan leerlingen, leraren en de gemeenschap van vooral dorpsmensen. Op maandag 14 januari 2002 wordt in de aula van zijn school een bijzondere herdenkingsdienst gehouden. In verband hiermee verschijnt in februari 2002 het boekje ‘wij herinneren ons Henk..’, waarin de teksten zijn opgenomen, die tijdens deze bijeenkomst werden uitgesproken. Ook dan wordt bekend, dat het College van Bestuur heeft besloten de collegezaal van de unit toerisme en recreatie naar hem te vernoemen en tot “Henk van Gorkum zaal” om te dopen. Op dinsdag 15 januari 2002 wordt hem tijdens een indrukwekkende uitvaartdienst in de Sint Clemenskerk te Hulsberg, die wordt bijgewoond door circa 1100 mensen, postuum de gouden speld van Leeuwenborgh Opleidingen uitgereikt, waarna Henk wordt begraven op de algemene begraafplaats aan de Wissengracht te Hulsberg.

 

Op zaterdag 16 oktober 2004 houd Kwakkerkzak in zaal Op De Trepkes in Hulsberg de CD Onbetaalbaar ten doop. Willem Claessens en Jo Gijzen, de andere leden van het Trio Kwakkerzak, presenteren tijdens een druk bezocht live-concert dit muzikale album, dat is opgedragen aan Henk. Dochter Jolien en zijn tweelingbroer Frans verlenen medewerking aan het concert. Op de CD staan dertien liedjes in het Hulsbergs dialect, waaronder ‘es Henk de gitaar haolt’, een prachtige ballad die verhaalt over Henk en zijn muzikale activiteiten. Kwakkerzak maakte de CD met hulp van diverse Hulsbergse muzikanten, die op de een of andere manier een speciale band met Henk hadden. Het concert wordt in mei 2005 met veel succes herhaald, maar dan in het Sint Anna schuttersgebouw in Oud-Zevenaar.

 

 



[1]. Zijn afstudeerscriptie heet ‘Van geloven krijg je vuile handen’ (1982).

[2]. Vraaggesprek met Henk in het weekblad Hulsberg Info van 12 augustus 1987, Willem Claessens.

[3]. In 1974 hernoemde hij de hoogste onderscheiding bij CV De Nachtuulen ‘de Smaragdogige Nachtuul’. Bij de Bosjule heette deze onderscheiding de Smaragdogige Bosjuul.

 

SiteLock